Je huis is nooit af. Het is misschien een ontgoocheling dit te lezen als je al jarenlang stof zit te vreten. Of je hebt zopas je huis netjes afgewerkt en “nu komen ze hier vertellen dat dit nóg niet het einde is”…

Continue evolutie

Je huis is nooit af. Nee, het leeft met jou mee. Net zoals jij, is het continu in evolutie. En maar goed ook. Je wil toch ook niet ter plekke blijven trappelen? Je huis verandert mee met jouw noden en nieuwe behoeften. Iedere levensfase die aanbreekt, vraagt een nieuwe manier van leven, een andere manier van wonen. Alles is tijdelijk. Vandaag is anders als gisteren en morgen.

Het heeft ook geen zin om al 30 jaar vooruit te kijken. We hebben immers geen glazen bol. Weet jij of je ooit in een rolstoel belandt? Hopelijk niet. Maar daarom hoef je niet 30 jaar op het gelijkvloers te leven…

Alles draait om flexibiliteit. Vooral in je hoofd. Wees bereid om te veranderen. Ons Mierennest leeft met ons mee en heeft al verschillende generaties en levensfasen doorlopen.

In 1909 bouwden Stevens overgrootouders hun boerderijtje aan de Kokerij. De hooizolder en een oud stalletje zijn nog restanten die getuigen van het boerenverleden van de familie Plas.

Vele jaren later erfde ‘Philleke’ Plas, als enig kind, de boerderij van zijn ouders. Zoals dat vaak gaat in een mensenleven, trouwde ‘Philleke’ Plas en bracht hij 3 kinderen groot. In de jaren ’60 baatte hij, samen met zijn vrouw, in de vroegere schuur van de boerderij een fietswinkel uit. Wasmachines, kachels, gasflessen en vooral fietsen gingen over de toonbank van deze druk bezochte ‘bazaar’. Vandaag spreekt de oudere generatie Meldertenaars nóg van de ‘vélowinkel van Philleke Plas’. De winkel groeide, breidde uit en werd grondig verbouwd.

Honderd jaar en vier generaties later is het huis binnen de familie gebleven. In 2005, kochten wij, Heidelien en Steven (de kleinzoon van ‘Philleke’ Plas), de woning, beiden pas afgestudeerd als interieurarchitect. Vol enthousiasme gingen we van start met alweer een nieuwe fase van verbouwingen. Eerst kampeerden we in de winkel, terwijl we de hooizolder verbouwden, zoals ze ons op school geleerd hadden. Dit was echter niet de meest budgetvriendelijke manier…

Verbouwen met recuperatiematerialen

Na twee jaar was het geld op en het huis niet ‘af’. De gehele benedenverdieping moest nog bewoonbaar gemaakt worden. Herbronning was nodig. Geen nieuwe, dure materialen meer, alleen maar recuperatiemateriaal dat we her en der op de kop tikten. We kochten een groot lot pallettenhout. Uiteindelijk kroop er 5 km recuphout in ons huis. We bouwden er wanden, vloeren, dakstructuren, deuren, kasten en tafels mee. Voorts maakten we gebruik van 3e hands polystereen, stro en afgedankte kledij als isolatiemateriaal. Door massaal materiaal te recupereren konden we onze verbouwing (voorlopig) tot een goed einde brengen. We kwamen in de ‘boekskes’ en de ‘gazetten’ met onze niet-alledaagse verbouwing. In 2009 was immers het gebruik van recuperatiemateriaal nog niet echt ingeburgerd. Tegenwoordig zie je al vaker een meubel gemaakt uit pallettenhout. Op onze oude blog lees je over ‘onze wilde verbouwavonturen’.

Door een golf van WWOOFers (buitenlandse jongeren die in ruil voor kost en inwoon, hun hulp aanbieden) die doorheen ons huis waaide en door een tijdje te leven in onze vernieuwde stek, beseften we welke gebreken er waren en welke noden er niet ingevuld werden. Dit zorgde enkele jaren voor heel wat leven in de brouwerij: interessante culturele uitwisselingen, boeiende gesprekken, creatieve uitspattingen, onverwachte verbouwingen,…

Als eerste kwamen er extra slaapplaatsen. De onbenutte ruimte net onder de nok van het dak werden knusse nesten waar al veel mensen tot rust konden komen en weg dromen.

Compartimentatie

We compartimenteerden ons huis, zodat we de ruimte makkelijker kunnen verwarmen. In de winter, als er minder volk is, leven we compacter. In de zomer, gooien we deuren en ramen open en verdubbelt quasi onze leefruimte. Door je ruimte aan te passen aan de seizoenen, spring je efficiënter om met je brandstof.

Onafhankelijkheid

We plaatsten een nieuw verwarmingssysteem. In plaats van een pelletkachel, waarbij je nog steeds afhankelijk bent van externe energiebronnen, installeerden we een massakachel, meer bepaald een finoven. Deze kachel biedt ons de mogelijkheid om minder hout te verbranden, aangezien de warmte in de stenen mantel rond de vuurkamer wordt opgeslagen. Amper 2u stoken geeft 24u warmte. In een massakachel verbrand je ook best korte omloophout. De wilgen die we knotten in de tuin, zijn twee jaar later een bron van warmte. In deze kachel wordt bij iedere stook eveneens biochar gemaakt en de houtas vormt de basis voor ons wasmiddel. Hoe je dat maakt en hoe je zelfvoorzienend kan zijn in je wasproducten kan je leren in de workshop ‘Natuurlijke waskracht’.

Zonneboiler

In den beginne stond in onze kelder een elektrische boiler geïnstalleerd. Nu maakt onze massakachel warm water aan. Wanneer in de winter de zon minder haar best doet of wanneer het dagenlang grijs weer is, dan verwarmen we het water met onze finoven. In de zomer zorgt de zonneboiler daarvoor. De zonneboiler met buffervat van 200L, installeerden we zelf. Het buffervat heeft 2 warmtewisselaars: eentje gaat naar de kachel, de andere naar het zonnepaneel. Er wordt niet elektrisch bijverwarmd.

Composttoilet

Twee spoeltoiletten vlogen de deur uit. Eén lieten we staan voor de vrouwen die niet zo goed overweg kunnen met een plasteut.  Onze kak die composteren we. Ons droogtoilet is de eenvoud zelve: metalen verfemmers van 20L, al dan niet met een ‘schoon behuizing’ rond, die regelmatig leeg gekieperd worden in de Joracomposter of tumbler. Door je composthoop te draaien, zoals je aan het ‘rad van fortuin’ zou draaien, breng je extra zuurstof in de compost en bereik je dus hogere temperaturen. In dit composteringssysteem kan je temperaturen tot 70 graden halen. Hierdoor zijn eventuele ziektekiemen na 6 weken al vernietigd en is de compost in principe klaar voor gebruik. De droogtoiletten staan gewoon binnen. Je bent niet afhankelijk van afvoerbuizen, dus je kan ‘op het potje gaan’ waar je wil. Je hoeft niet door de kou, regen of sneeuw als je naar het toilet moet. De pipi vangen we gescheiden op. Deze wordt ingezameld in jerrycans van 5L en wordt aangelengd met water tot een verhouding van 1/10. De pipi komt terecht in de tuin: pompoenen, tomaten, kolen, maar ook fruitbomen, profiteren van deze gulle gift.

Ook de keuken onderging enkele veranderingen. Koelkast, diepvriezer, vaatwasmachine, microgolfoven, broodrooster en andere zinloze, energieopslorpende apparatuur werden geschrapt. Er kwam een handig vaatdroogrek en meer werkruimte om te kokerellen. In de winter wordt in de finoven brood, taart en koekjes gebakken, staan stoofpotjes te pruttelen of seitan te garen,… Bovenop de kachel profiteren fermenterende drankjes als kefir, kombucha en wijn maar ook tincturen, oliemaceraten en een zuurdesemstarter van het warmste plekje in huis. Azijnmoeders, kimchi, zuurkool,… staan dan weer liever waar het wat frisser is, aan de noordkant van het huis. Onze keuken is een broeihaard van gezonde bacteriën, gisten en schimmels, die ons voedsel tot leven wekken.  Ons lichaam is hen er dankbaar voor!

Levende gevel

De onmiddellijke omgeving van het Mierennest bliezen we leven in. De ‘propere’ verharding werd geruild voor weelderig groen. Als je de natuur erop los laat, krijg je in een mum van tijd een totale overwoekering van je huis. Na 10 jaar explodeert onze levende gevel en puintuin zowaar! Hier staan verschillende druivelaars, vijgenstruiken, perzikboom, Madeira vine, hop, bananenplant, asperges, rucola en nog een hele reeks aromatische en medicinale kruiden. Niks van dat grijs van weleer valt nog te bespeuren.

Regenwatersysteem

De belangrijkste omwenteling in huis was de aanpassing van ons regenwatersysteem. Vroeger vingen we al het regenwater op in de wadi (=hemelwaterinfiltratiebekken) in de achtertuin. Via de wadi werd de grondwaterput gevoed. Van daaruit pompten we het water rechtstreeks op naar alle kraantjes in ons huis. Enkele jaren geleden, toen bleek dat onze badkamer door een groot lek om zeep was, installeerden we een ‘groene long’ in de plaats. We brachten de regen binnenshuis. En door de regen kwam er leven. Dankzij onze ‘groene long’ hebben we nu zuiver drinkwater, propere binnenlucht, lekkernijen, een circulaire douche, een leuke plek om te vertoeven en een spectaculaire traphal… Je merkt het al. Regenwater kan voor veel meer gebruikt worden dan enkel je drol door te spoelen! Hoe het precies werkt lees je hier